Wetenschappelijke kennis verspreiden in taal en vorm die aansluit bij zorgmedewerkers

karlijn kwint

In het programma Kennisinfrastructuur Langdurige Zorg (KIA) wordt gewerkt aan het dichter bij elkaar brengen van praktijk en wetenschap in de langdurige zorg. Het programma is opgedeeld in drie deelprojecten: kennisvragen ophalen, informatie op maat, en het verstevigen en uitbouwen van de kennisgemeenschap.

‘De academische netwerken in de ouderenzorg en de gehandicaptenzorg deden al jaren onderzoek naar vragen die leven in de praktijk,’ vertelt Karlijn Kwint, programmamanager Kennisinfrastructuur Langdurige Zorg – bij Vilans. ‘Voor financiering was men echter aangewezen op subsidies en andere tijdelijke inkomsten in plaats van structurele financiering. Dat maakte het borgen van dit soort onderzoek lastig. Het ministerie van VWS besloot daarom om  structurele financiering te bieden aan de academische werkplaatsen.’

‘Vilans werd gevraagd het programma Kennisinfrastructuur Langdurige Zorg te starten in samenwerking met de academische netwerken. Het doel is om een onderzoeksagenda op stellen gebaseerd op vragen uit de praktijk en die aan te bieden aan ZonMw om onderzoek te programmeren. Daarnaast hebben we de opdracht om de uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek te verspreiden in taal en vorm die aansluit bij medewerkers in de zorg. ’

Kennis uit de praktijk

Kennisvragen worden op verschillende manieren opgehaald in de praktijk. ‘Het team van Vilans-collega Marjolein Herps is daar volop mee bezig,’ vertelt Kwint. ‘Ze staan op beurzen en congressen, organiseren multidisciplinaire expertpanels met diverse zorgprofessionals en bouwen zelfs aan een app waarmee mensen hun vragen kunnen indienen. Vragen waar nog geen wetenschappelijk antwoord op is worden op de kennisagenda gezet.’

Informatie op maat

En de vragen waar al wel een antwoord op blijkt? ‘Die antwoorden moeten toegankelijk worden gemaakt. Dat is de essentie van het deelproject Informatie op maat,’ zegt Kwint. Dat klinkt als de core business van Vilans, maar het uitgangspunt is anders. ‘We gaan van zoekplaats naar vindplaats. Dat betekent dat we onze systemen en kennispleinen onder de loep nemen om te kijken hoe kennis die jij als bezoeker nodig hebt, nog beter te vinden is. Zo experimenteren we bijvoorbeeld met de inzet van chatbots en tools die artikelen op maat aanbieden. Met alle kennispleinen beschikken we over een grote bak met informatie. Maar niet alles is voor iedereen even relevant. Daarom zetten we nog meer in op meedenken met de gebruiker en hen informatie op maat aanbieden.’

Iedereen profiteert

Voordelen zijn er in de eerste plaats voor de eindgebruiker. Die profiteert immers van de goede informatievoorziening en wetenschappelijk onderzoek dat aansluit bij de dagelijkse praktijk. Ook zijn er voordelen voor de samenwerkende partijen. Kwint: ‘Voor de academische werkplaatsen is het fijn dat er nu structureel geld beschikbaar komt voor het doen van praktijkonderzoek. En dat dit onderzoek wat echt relevant is voor de praktijk breder verspreid kan worden door de kanalen van Vilans. Voor Vilans is het mooi dat we nog beter aan kunnen sluiten bij de vragen van zorgprofessionals en onze kennispleinen toekomstbestendig kunnen maken. Uiteindelijk profiteert iedereen.’

Meer weten